Voorzitter,

We hebben in de fractie uitvoerig, en ook wel wat tobberig, over dit onderwerp gesproken. Het gaat hier over de participatiewet en wat de gemeente kan en moet doen om mensen met een arbeidsbeperking te ondersteunen. Het oude systeem van de Sociale werkplaatsen zoals de Baanstede, gaat verdwijnen en het gaat er hier over wat daarvoor in de plaats moet komen.

Het voorliggende visiestuk probeert hierop  antwoord te geven  en in de inleiding wordt ons verzekerd dat wat hier staat wordt omarmd door de portefeuillehouders van de gemeente ( dit moet een slip of the pen zijn) Zaanstreek/ Waterland.  Kort komt het erop neer dat onze regio er niet langer voor kiest beschut werk te bieden op de oude manier als in Baanstede : een klassieke werkplek met loongebouw en indicatie van het UWV. In zekere zin is dat even slikken. De groep die vroeger met een UWV indicatie op Baanstede terecht gekomen zou zijn wordt voortaan samen genomen met degenen die vanuit WMO en AWBZ ondersteund moeten worden met begeleiding en/of dagbesteding.  Deze keuze wordt uitvoerig beargumenteerd en we kunnen hiermee instemmen. Gelet op de situatie waarin we als gemeente verantwoordelijkheid moeten nemen voor al deze groepen is dit de beste optie: het geeft de minste rechtsongelijkheid, het financieel risico is het meest beheersbaar en het geeft de meeste kansen op een integrale aanpak en een vereenvoudiging van het systeem. (  door wat met een modieus begrip “slimme” verbindingen binnen het sociaal domein wordt genoemd)   Eenvoudiger geformuleerd: we gaan van elke persoon in kwestie bekijken welke vorm van begeleiding en dagbesteding voor hem/haar het meest geschikt is en voor iedereen geldt dat de weg naar de reguliere arbeidsmarkt in principe open moet blijven.

Ik zei dat we wat tobberig over dit onderwerp hebben gesproken. Want voorzitter, het gaat hier over een beperkte groep mensen, maar wat een regelingen, wat een bureaucratie, wat een integratie en  re-integratie “industrie” zou je bijna zeggen.  De vraag dringt zich dan op of dit allemaal niet wat eenvoudiger kan. De voorliggende visie gaat in deze richting en dat juichen we dat dan ook toe. Maar dan nog… Uiteindelijk gaat het erom dat we als samenleving verantwoordelijkheid willen nemen voor diegenen die wat meer moeite hebben om te participeren dan anderen. Dat is de basis, daar willen we niet van af maar de vraag is of we dat nu op de juiste en meest menselijke manier organiseren. 

De portefeuillehouders omarmen deze visie. Ik wil graag van onze portefeuillehouder weten hoe stevig die omarming is ( soms is een omarming dodelijk), is deze van harte of geclausuleerd. In dat verband wil ik wijzen op de losse eindjes die ook deel uitmaken van de visie.

Op pagina 17 bv. staat dat we vooralsnog  niet kiezen voor scenario A ( = de klassieke vorm als in de Baanstede) . De keuze is dus blijkbaar nog niet definitief. Hoe staat onze portefeuillehouder hier in? Bij de vervolgstappen ( pagina 17) staat dat we nog een aantal afwegingen moeten maken. En o.i. gaat het hier om vrij fundamentele keuzes. Namelijk: wat gaan we regionaal en wat gaan we lokaal doen?  Is het denkbaar dat we dit probleem lokaal gaan oplossen? Heeft de portefeuillehouder hier al ideeën over? Wat gaat de rol worden van het werkgeversservicepunt? Wat kopen we in?  Het gaat in Waterland om een beperkte groep. Op de presentatie die we hadden op 8 juni jl. werd dat nog eens heel duidelijk. Onze gemeente doet al veel als het gaat om afname van diensten van Baanstede e.d.  Op welke punten is een vergaande samenwerking ook in de toekomst wenselijk en nuttig?

Een heel ander punt, voorzitter.. Ik zou er niet over begonnen zijn als het visiestuk hiertoe zelf geen aanleiding had gegeven.  En hierbij gaat het om een denkrichting v.w.b. de vereenvoudiging van het systeem in de toekomst Op pagina 15 van het stuk onder het kopje “De mens centraal” staat een intrigerende passage: We gaan niet weer een nieuw hokje beschut werk introduceren. De invalshoek is: participatie, meedoen, een eigen plek in de maatschappij innemen. Of het inkomen nu bestaat uit loon of ( en nu komt het) uit een BASISINKOMEN zoals een uitkering is ondergeschikt.  Is dit ook  een slip of the pen of is dit begrip bewust hier opgenomen?:  M.a.w. is er onder de portefeuillehouders van de regio  een denkrichting die daadwerkelijk  uitgaat van de mogelijkheid van een basisinkomen? We weten dat in diverse gemeentes ( Nijmegen, Groningen, Wageningen, Leeuwarden en nu ook Utrecht)  experimenten worden ontwikkeld.  Van de grote steden is Utrecht de eerste die zich gemeld heeft. Het is interessant om de wethouder van Utrecht  te citeren. Hij is overigens van D66.

‘Ik ben nu een jaar wethouder Werk en Inkomen en ik vind het een teken van beschaving dat mensen die, meestal tijdelijk maar vaak ook langer, niet voor hun inkomen kunnen zorgen een uitkering krijgen. Echter aan de andere kant hebben we rond die uitkeringen, vaak gegroeid vanuit wantrouwen, een ontzettend complex controlesysteem opgetuigd. Mensen met een uitkering hebben vaak met meerdere regelingen te maken: de bijstand, de bijzondere bijstand, de huurtoeslag, de kinderbijslag, enzovoorts. En al die regelingen hebben weer hun eigen controlemechanismen, een woud van regels en handhaving. Het is makkelijk om hier in vast te lopen. Het kan eenvoudiger als we het systeem weer gaan baseren op vertrouwen.’

 Is er dus bínnen het portefeuillehouder overleg over zo’n basisinkomen gesproken ( wat overigens niet kan worden gelijkgesteld aan een bijstandsuitkering, want het is onvoorwaardelijk) , zo ja in welke zin, zo nee, is het een denkrichting die alsnog aan de orde zou kunnen komen? Wil de portefeuillehouder de ontwikkelingen in den lande in het oog blijven houden? 

Tot zover.

Johan Lok